Vrijstelling BPM bij verhuizing: let op fiscale woonplaats

Bericht geplaatst op 4 augustus 2017

Pagina delen!
Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on Twitter

Als bij immigratie een auto naar Nederland wordt meegebracht, geldt daarvoor in principe een vrijstelling van BPM. Maar niet altijd betekent een immigratie ook een verandering van fiscale woonplaats.

Voor de zogenaamde verhuisboedelvrijstelling geldt als belangrijkse voorwaarden dat degene die het voertuig invoert ten minste 12 maanden in het buitenland heeft gewoond, de auto al minstens zes maanden in bezit heeft en na immigratie nog op zijn minst 12 maanden in bezit blijft houden.

Het komt echter nogal eens voor dat iemand wel 12 maanden in het buitenland is geweest, maar daar niet heeft gewoond in de fiscale betekenis van dat woord. De fiscale woonplaats is dan dus Nederland gebleven. Bij terugkeer naar Nederland geldt dan voor de meegebracht auto helaas géén vrijstelling.

Een voorbeeld uit de praktijk is bijvoorbeeld de situatie dat een werknemer door het bedrijf naar het buitenland is uitgezonden en daar verblijft in een door het bedrijf gehuurde woning, terwijl zijn gezin in Nederland blijft. Bij discussie met de belastingdienst zal zullen volgens de rechtspraak uiteindelijk de persoonlijke bindingen de doorslag geven voor de vraag in welk land zijn fiscale woonplaats gelegen is. Als de fiscale woonplaats in Nederland is gebleven, geldt voor de in te voeren auto helaas geen verhuisboedelvrijstelling. In soortgelijke gevallen is een goede fiscale beoordeling voorafgaand aan de terugkeer naar Nederland sterk aan te raden.

Pagina delen!
Email this to someoneShare on FacebookShare on LinkedInTweet about this on Twitter

Geen reacties meer mogelijk.